Uitschachten en frustratie

Gewoon even noteren voor iedereen die een paard heeft (hengst of ruin) die uitschacht (omdat ik zonet de vraag weer eens kreeg) – het gebeurt overigens ook met merries, maar dan zien we het niet.
Ik heb het NIET over het ontspannen uitschachten – ik heb het over het uitschachten dat niet na een tijdje weer weggaat, samenvalt met gefrustreerd gedrag, en zelfs klassiek kan geconditioneerd worden in zover dat het paard zelfs nog uitschacht terwijl hij beweegt, bijvoorbeeld draaft.
Het is niet “ontspannen zijn”. Het is niet “je mens graag zien”. Het is ook geen sexuele opwinding. Het is niet dat het lichaam een foutje maakt en de verkeerde manier kiest om te laten zien hoe blij het is. Hmm, dat is het wel een beetje, maar dan anders dan je denkt.
Uitschachten door overmatige opwinding kan getriggerd worden door sterke emoties en bij inspannende cognitieve en fysieke taken. Dat gebeurt bij mensen ook, maar dan zien we het natuurlijk niet zo. Normaal moet het over gaan. Doet het dat niet, dan is er iets anders aan de hand.

Overmatige opwinding kan ook gebeuren omdat we het voedsel neurosensitizeren. We maken het krijgen van het voer belangrijker dan het fijn vinden van het voer. Voedsel eten (liking) is belonend, maar ook er meer van krijgen (wanting) is belonend, op een wat andere manier in de hersenen (‘liking’ gaat meer over endorfine, ‘wanting’ is dopamine). Het zijn twee aparte systemen die elkaar normaal gesproken in evenwicht houden.

Maar soms geraken ‘liking‘ en ‘wanting‘ van elkaar los, uit evenwicht. Hetzelfde gebeurt bijvoorbeeld bij een eetverslaving: je wil eten, maar dat eten opeten zélf maakt je niet echt blij(*).
We doen dat als we eenvoudige oefeningen in een kort, ritmisch bewegingspatroon gieten met telkens weer voer erbij – en plots breken we dat patroon, door dat voer niet meer te geven, zonder dat het paard op die verandering voorbereid was.
Het paard weet niet meer hoe hij aan het voer kan komen, en dat terwijl we net daarvoor tegen z’n hersenen hebben gezegd dat het enige belangrijke ding het krijgen van dat voer was. Eerst was het er altijd, en plots niet meer.
Overmatige opwinding gebeurt overigens op precies dezelfde manier in ratten, als ze niet meer weten hoe ze sneller aan dat voer kunnen geraken.

De oplossing? Herhaal die bewegingslus niet te vaak na elkaar. Laat het paard tussendoor bewegen, ga eens met hem lopen, vraag iets anders, doe iets anders waarbij er geen voerbeloning te krijgen is, en begin zo snel mogelijk met het ook geven van àndere beloningen na je click. NIET drillen! Breek dat verwachtingspatroon!

Als je paard gefrustreerd raakt en je weet niet goed hoe je het moet oplossen, haal er dan, al is het maar één keer, een clickerinstructeur bij (en dan iemand die wéét wat hij/zij aan het doen is!) die er eens een keertje bij komt staan en JOUW gedragspatroon komt verbreken, dat dit loskoppelen heeft veroorzaakt.

(*) De eerste die ik nu zie verkondigen dat zie je wel! clickertraining slecht is omdat het eetverslavingen veroorzaakt, mag een jaar lang mest komen scheppen hier.